Prof. dr. Sjoerd Rodenhuis | Internist-oncoloog NKI-AvL
‘Zonder trials is er geen vooruitgang mogelijk’
AMSTERDAM - “Kankeronderzoek is zelden een kwestie van grote
doorbraken”, zegt prof. dr. Sjoerd Rodenhuis, internist-oncoloog
bij het Nederlands Kanker Instituut - Antoni Van Leeuwenhoek
Ziekenhuis in Amsterdam (NKI-AVL). “Medisch onderzoek gaat stapje
voor stapje. Het is een optelsom van een groot aantal studies,
wereldwijd. Maar bij elkaar opgeteld zijn al die stapjes wel
vreselijk belangrijk.”
Mensen schrikken vaak van woorden als ‘onderzoek’ en ‘studie’.
“Dat is heel begrijpelijk”, zegt prof. dr. Sjoerd Rodenhuis. “Maar
een nieuwe behandeling in studieverband verschilt vaak nauwelijks
van een standaard behandeling. Dat is maar goed ook! In het
algemeen is de behandeling en begeleiding van patiënten binnen een
studie zelfs beter. Met name bij fase III studies, waarbij een
vergevorderde, nieuwe behandeling vergeleken wordt met een
standaard behandeling.”
“Het uitgangspunt is dat patiënten á priori voordeel hebben van
dit type trials. Anders wordt er geen toestemming voor gegeven.
Deelnemers aan fase III studies zijn dus beslist geen
‘proefkonijnen’. Integendeel”, aldus prof. dr. Sjoerd Rodenhuis.
“Trials worden altijd uitgevoerd door experts volgens de
allernieuwste, wetenschappelijke inzichten. En voordat we een
studie mogen starten, wordt deze kritisch beoordeeld door een
ethische commissie.”
Spectaculaire verbetering
Hij onderstreept het belang van klinisch onderzoek om het effect
van nieuwe behandelstrategieën in de praktijk te toetsen. Als
voorbeeld noemt hij de studie naar het middel Herceptin om
uitzaaiingen na een operatie te voorkomen bij borstkanker met het
HER2-eiwit. “Aan dit onderzoek hebben wereldwijd duizenden vrouwen
meegedaan. Inmiddels levert behandeling met dit middel een
spectaculaire verbetering op van de overlevingskansen van vrouwen
met dit type borstkanker. Niemand had voorzien dat het effect zo
groot kon zijn. We waren met stomheid geslagen. Het effect was zo
groot, dat nog tijdens de studie is besloten om Herceptin aan alle
deelnemende vrouwen aan te bieden.”
De medische wetenschap staat niet stil. In de nabije toekomst
verwacht prof. dr. Sjoerd Rodenhuis diverse nieuwe middelen voor de
behandeling van onder andere nier-, lever- en schildklierkanker.
“Er zitten nog zoveel verbeteringen in de pijplijn... We hebben op
dit moment echter nog geen idee hoe we deze nieuwe middelen moeten
gaan gebruiken. In welke volgorde? Tegelijk? Het effect is op
voorhand niet goed te voorspellen.”
Nieuwe medicatie
Prof. dr. Sjoerd Rodenhuis verwacht dat de behandeling van
patiënten met kanker door introductie van nieuwe medicatie in de
nabije toekomst aanzienlijk zal verbeteren. “Maar daar heb je wel
trials voor nodig. Dat wil niet zeggen dat we zomaar een onbeperkt
aantal trials gaan uitvoeren. We kiezen uitsluitend die studies,
waarvan we het grootste effect verwachten. Het zijn onderzoeken die
de proef op de som leveren. Zonder trials is er geen vooruitgang
mogelijk in het kankeronderzoek.”
Een bijzondere onderzoekscategorie vormen volgens hem de
zeldzame tumoren, zoals het Ewing Sarcoom. Dat is een zeer
kwaadaardige vorm van botkanker die in Nederland bij enkele
tientallen mensen voorkomt. “We denken dat de kans op genezing van
deze ziekte vergroot kan worden door een combinatie van
chemotherapie en aanvullende behandelingen. Er wordt helaas veel te
weinig onderzoek naar gedaan. Daarom hebben we dringend behoefte
aan meer deelnemers, anders leren we het nooit. We kunnen het ons
niet veroorloven om deze mensen een minder dan optimale behandeling
aan te bieden.”
Sneller resultaat
Jammer genoeg leiden de meeste studies niet tot nieuwe
behandelingen. Om die reden is het volgens prof. dr. Sjoerd
Rodenhuis ‘absoluut cruciaal' dat voldoende mensen bereid zijn deel
te nemen aan trials. “Bij fase III studies is het bijvoorbeeld een
vereiste om een redelijk aantal patiënten te laten deelnemen met
een vergelijkbare achtergrond. Dat is in de praktijk een hele klus.
Wanneer we onvoldoende mensen hebben, wordt het erg moeilijk om
deze studies ‘in de lucht’ te houden. Omgekeerd, wanneer voldoende
mensen meedoen, kunnen we veel sneller resultaten boeken.”
Een extra aandachtspunt is dat de zorg voor patiënten met kanker
in Nederland verdeeld is over een groot aantal ziekenhuizen. Dat
betekent dat mensen niet altijd weten dat ze mogelijk deel kunnen
nemen aan een trial. Prof. dr. Sjoerd Rodenhuis: “Mensen voelen
zich vaak heel onzeker wanneer ze horen dat ze kanker hebben. Dat
geldt natuurlijk ook voor de naaste familieleden. Onder die
omstandigheden bestaat de neiging om het advies van de arts te
volgen. Begrijp me niet verkeerd: de behandeling die artsen in
Nederland bieden is goed. Maar ik vind het wel jammer dat het geven
van informatie over trials aan patiënten niet altijd tot de
standaardroutine behoort. Daarom is het goed dat er nu een website
is, waarop patiënten zelf betrouwbare informatie over trials kunnen
vinden. Dat biedt mensen de mogelijkheid om zich breder te
oriënteren en vervolgens in overleg met hun arts een keuze te
maken.”